Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- II
- De dagen van armoe
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
261
W eer stond hij een poos stil. „Misschien is 't Gods
wil, dat deze kolonie hier bestaan en bijeen blijven
zal," dacht ,hij.
Nu ging het denken zwaar en langzaam bij Ingmar. En
de gedachten, die opkwamen, waren bitter en kwellend.
„Je moogt je verdedigen hoe je wilt, maar 't is toch
verkeerd, dat je de kolonisten niet waarschuwt, nu je
weet, dat er plannen tegen hen gesmeed worden.
„'t Lijkt wel, alsof je meent, dat God niet wist wat
Hij deed, toen Hij je naaste betrekkingen hier naar
dit vreemde land leidde. Maar al kun je Zijn bedoeling
niet raden, dan kun je toch wel begrijpen, dat Hij niet
bedoelde, dat dit alles maar een paar jaar zou duren.
„Misschien zag God neer op Jeruzalem, en op al de
oneenigheid, die in de stad woelde, en dacht Hij toen :
„Zie, ook hier wil ik een vrijplaats maken, waar eenheid
woont, en een woning voor vrede en eendracht wil ik
hier bouwen."
Ingmar stond nog steeds stil. Hij liet zijn gedachten
strijden. Ze stonden tegenover elkaar als reuzen, en hun
worsteling was geweldig.
De hoop, die Ingmar had opgevat, dat hij gauw
naar huis zou gaan, had zich vast in hem geworsteld.
Hij streed lang om die vast te houden.
De zon ging onder en de duisternis viel snel. Maar
Ingmar bleef daar in de duisternis staan met zijn strijd.
Eindelijk vouwde hij zijn handen en bad tot God :
„Nu smeek ik U, God, laat mij Uw wegen gaan."
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 02:48:19 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/2/0273.html