Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- I
- Karin Ingmarsdochter
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
107
eindelijk begonnen zij alle drie te pochen op Sven
Persons rijkdom. Zij werden zeer welsprekend en met
ieder woord beduidden zij Halfvor, dat hij een al te
onbeduidend man was om zich met hen te meten.
Halfvor voelde zich heel klein. Hij had bitter berouw,
dat hij gekomen was.
Karin kwam nu binnen met koffie. Toen zij Halfvor
zag, was zij eerst blij, maar dadelijk dacht zij er aan
welk een verkeerden indruk 't moest maken, dat hij
haar al zoo gauw na 't overlijden van haar man bezocht.
Als hij zoo'n haast toonde, konden de menschen wel
zeggen, dat hij Eljas niet te best oppaste, om hem gauw
kwijt te wezen en haar, Karin, tot vrouw te kunnen
krijgen.
Ze had liefst gewild, dat hij twee, drie jaar gewacht
had met te komen. Dat zou de manier geweest zijn
om den menschen te toonen, dat hij Eljas uit ongeduld
geen kwaad gedaan had. „Waarom hoeft hij zich zoo
te haasten ?" dacht zij. „Hij kan toch wel begrijpen dat
ik er nooit toe komen zal een ander te nemen dan hem."
Toen Karin binnenkwam, werd het weer stil in de
kamer en niemand dacht aan iets anders dan te zien
hoe Halfvor en zij elkaar zouden begroeten. 't Was
maar nauwelijks, dat hun vingertoppen elkaar raakten.
Toen Sven Person dat zag, gaf zijn blijdschap zich in
een kort, scherp fluiten lucht ; maar de inspecteur lachte
haastig en luid. Halfvor keerde zich rustig tot hem.
„Waarom lacht mijnheer de inspecteur?" vroeg hij zacht.
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 20:22:06 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/1/0119.html