Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- II
- De brief van Hellgum
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
25 1
Daarop zei Karin Ingmarsdochter met verwondering
in haar stem : „Ik hoor Gods stem, die mij roept !"
Gunhild van den rechter hief de handen in verrukking
omhoog, terwijl de tranen haar over 't gelaat stroomden.
„Ik zal ook reizen," zei ze, „Gods stem roept mij."
Daarop spraken Krister Larsson en zijn vrouw bijna
tegelijk : „Ik hoor in mijn ooren roepen, dat ik op reis
moet gaan. Ik hoor Gods stem, die mij roept."
De stem kwam tot den een na den ander, en op
'tzelfde oogenblik week alle angst en beklemming van hen.
't Was een groote, groote blijdschap, die over hen
kwam. Zij dachten niet meer aan hun hoeven en ver-
wanten ; zij dachten er enkel en alleen aan, dat hun
vereeniging opnieuw zou bloeien, zij dachten aan de
heerlijkheid te mogen wonen in Gods stad.
De roepstem was tot de meesten gekomen, maar zij
had Haifvor Halfvorsen nog niet bereikt. Hij worstelde
met alle kracht in 't gebed, en hij werd angstig en
dacht : „God wil mij niet roepen zooals de anderen.
Hij ziet, dat ik mijn land en mijn akkers meer lief heb
dan Zijn woord. Ik ben niet waardig naar Jeruzalem
te gaan."
Karin Ingmarsdochter ging naar Halfvor en legde
haar hand op zijn voorhoofd. „Je moet stil wezen,
Haifvor, en in stilte luisteren."
Haifvor klemde de handen samen, zóó heftig dat ze
kraakten. „Misschien acht God mij niet waardig om mee
te mogen gaan," zei hij.
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 20:22:06 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/1/0263.html