Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- I
- Baram Pacha
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
107
Nu was het tegen acht uur op een mooien November
morgen.
De zwarte nacht, die de stad in haar duisternis
gevangen gehouden had, was als gevlucht, en Jeruzalem
begon er weer uit te zien zooals elken dag. Bij de
Damascuspoort hadden de bedelaars al een poos geleden
hun gewone plaatsen ingenomen, en de straathonden,
die den heelen nacht in beweging geweest waren, gin-
gen voor den dag rusten in hun holen en vuilniskisten.
Een kleine karavaan had vóór den avond haar leger-
plaats vlak binnen de poort opgeslagen. Die maakte
zich nu gereed om op te breken, de leiders bonden
de pakken op de liggende kameelen, die schreeuwden,
als ze de zware lasten op hun rug voelden. Buiten
op den weg kwamen de landlieden aan, die zich naar
de stad haastten, met groote manden met groente.
Herders kwamen van de bergen, en wandelden plechtig
door 't poortgewelf, gevolgd door groote kudden schapen,
die geslacht, en geiten, die gemolken moesten worden.
Juist op het oogenblik, dat de eerste morgendrukte
in de poort heerschte, kwam een oud man aanrijden
op een mooien, witten ezel. Hij was buitengewoon
prachtig gekleed. Zijn lijfrok was van zachte, gestreepte
zij, en daar over heen droeg hij een met bont afge-
zette kaftan van licht blauw satijn, die tot aan de
voeten reikte. Zijn tulband en zijn gordel waren met rijk
borduursel van goudkleurige zij versierd. Zijn gezicht
was zeker eens mooi en eerbiedwaardig geweest. Nu
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 02:48:19 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/2/0119.html