Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- II
- Barbro Svensdochter
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
208
„Als die man ooit op zijn vrouw lette, was 't om
haar met de andere te vergelijken, die hij verloren
had. Hij zag wel, dat zijn vrouw er goed uitzag, maar
ze was niet zoo mooi als zij, die hij had moeten missen.
Ze liep niet zoo vlug, en ze kon haar handen niet zoo
sierlijk bewegen, en ze kon niet over zooveel mooie
en vroolijke dingen praten. Ze ging stil en geduldig
rond en deed haar werk ; daar deugde ze voor.
„Ik moet toch tot verontschuldiging van dien man
zeggen, dat hij met zijn vrouw niet kon praten over
dat, waar hij 't meest aan dacht --- hij kon haar niet
toevertrouwen, dat hij • aldoor liep te denken aan haar,
die hij boven alles lief had, en die naar vreemde landen
getrokken was. Dat kon hij immers niet. En hij vond
ook, dat hij niet met haar bespreken kon, dat hij al-
door Gods straf verwachtte, omdat hij zijn woord
gebroken had, en dat hij niet aan zijn vader in den
hemel durfde denken, en dat hij zich verbeeldde, dat
alle menschen hem veroordeelden. Wel werd hem door
allen met wie hij sprak, groote achting bewezen, maar
hij was zoo zwaarmoedig, dat hij dacht, dat allen hem
bespotten, zoodra hij hun den rug toekeerde, en zeiden,
dat hij den naam, dien hij droeg, niet waard was, —
en zoo meer.
„Ik zal nu zeggen, hoe 't kwam, dat die man voor
't eerst merkte, dat hij een vrouw had.
„'t Gebeurde, toen zij een paar maanden getrouwd
waren, dat die man en die vrouw op een bruiloft werden
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 02:48:19 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/2/0220.html