Full resolution (JPEG)
- On this page / på denna sida
- II
- Barbro Svensdochter
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Below is the raw OCR text
from the above scanned image.
Do you see an error? Proofread the page now!
Här nedan syns maskintolkade texten från faksimilbilden ovan.
Ser du något fel? Korrekturläs sidan nu!
This page has never been proofread.
/ Denna sida har aldrig korrekturlästs.
209
verzocht, bij een paar van hun familieleden in diezelfde
gemeente. 't Was een lange rit er heen, en ze moesten
een uur in een herberg wachten, om 't paard te laten
rusten en voeren. 't Was slecht weer, en de vrouw
ging naar binnen, en bleef in een van de kamers zitten
wachten. De man gaf het paard water en haver, en
toen kwam hij in de kamer, waar zijn vrouw zat. Hij
sprak niet tegen haar, hij zat er alleen aan te denken
hoe akelig 't was onder de menschen te komen, en
hij vroeg zich af of de bruiloftsgasten hem zouden laten
merken, hoe ze over hem dachten. Terwijl hij daar
zich zelf zat te kwellen, kwam de gedachte in hem op,
dat alles eigenlijk de schuld van zijn vrouw was. „Als
zij niet met mij had willen trouwen," dacht hij, „was
ik nu nog een onbesproken man. Ik zou niet in ver-
zoeking gebracht zijn, en ik zou nu niet bang zijn een
eerlijk mensch in de oogen te zien."
„Nooit te voren was het dien man ingevallen, dat hij
zijn vrouw zou kunnen haten, maar op dat oogenblik
dacht hij, dat hij 't deed. Intusschen kreeg hij al gauw
wat anders om over te denken.
„Een paar mannen waren in de groote zaal gekomen,
die naast de kamer lag, waar hij met zijn vrouw
zat. Zij hadden zeker den man gezien, die met zijn
vrouw was komen aanrijden, en begonnen nu over
hen te praten. En de wanden in die hoeve waren
zó6 dun, dat zij, die binnen zaten, elk woord konden
hooren.
Jeruzalem. II. z 4
<< prev. page << föreg. sida << >> nästa sida >> next page >>
Project Runeberg, Mon Feb 23 02:48:19 2026
(aronsson)
(download)
<< Previous
Next >>
https://runeberg.org/jeruzalem/2/0221.html